Eerder deze maand lanceerde The Cut een nieuwe branche, ‘Oh Baby’, met het oog op het verergeren van één doelgroep: de ambivalente toekomstige ouder.
Gedurende een week werden de lezers getrakteerd op een hele reeks angstige babycontent. Er was een stuk over de heropleving van een zelfhulphit in de gezinsplanningscanon (Merle Bombardieri’s Het babybesluit). Of deze, over de vrouwen die Doen spijt van het krijgen van kinderen. Er was een adviesrubriek, gericht op dertigers met een biologische klok. En deze gaat over de overvloed aan informatie die het tegenwoordig extra moeilijk maakt om te ‘kiezen’.
In sommige opzichten is de babybeslissing (kleine letters) groenblijvend. In ieder geval in onze moderne tijd. Een van de meer twijfelachtige verworvenheden van de tweede golf was een reductief ‘kan-vrouw-alles-hebben-discours’ dat gemakshalve blind blijft voor de materiële omstandigheden.
Aan de andere kant blijft het bewijs dat millennials een nieuwe draai aan dat discours geven zich opstapelen. Mijn generatie krijgt later en minder vaak kinderen, daarbij verwijzend naar de economie en de apocalyptische sfeer. Dat kan helpen bij het verklaren van ‘Oh Baby’ en de groeiende canon van ambivalente ouderliteratuur.
Zoals die van Bombardieri Babybesluit betoogt en behandelt de vraag als een enkel binair getal:voortplanten of niet– riskeert een zeer taaie discussie te verminderen. Hier zijn dus een paar boeken die tot doel hebben het gesprek over modern ouderschap uit te breiden. Voor lezers die ambivalent, toekomstgericht, prikkelbaar, nieuwsgierig, onzeker zijn of gewoon geïnteresseerd zijn in wat er speelt. mogelijk.

Eva Baltasar, vertaald door Julia Sanches, Kei
Enkele recente ambiva-ouderboeken, zoals die van Sheila Heti Moederschap of Torrey Peters’ Detransitie, schat, Onderzoek ouderschap als een hypothetisch gegeven. Hoofdpersonen wegen de emotionele en logistieke voor-, nadelen en kosten van voortplanting onder minder dan ideale omstandigheden af. De motor is in zulke romans de vraag: zal er aan het einde hiervan een baby zijn? En als dat zo is, zullen ze het waard zijn?
van Baltasar Kei is een uitstekend exemplaar van deze vervelende microcanon. Deze netelige homoroman, die in 2023 op de shortlist staat van de International Booker, plaatst ons rechtstreeks in het brein van een vrouw die wordt meegesleept in de zoektocht van haar minnaar naar ouderschap. Al is haar eigen enthousiasme op zijn best halfstok.

Claire Vaye Watkins, Ik hou van je, maar ik heb voor duisternis gekozen
Andere romans in de ‘Oh Baby’-canon documenteren de nasleep van The Decision. Romans zoals die van Rachel Yoder Nachtteef verbeelden de surrealistische en vervreemdende dagen van het vroege ouderschap met het oog op het de-glamoriseren van de post-partumervaring.
Watkins’ Ik houd van je… zit gezellig onder deze parasol. Deze stijlvolle roman, vol pyrotechniek op zinsniveau en waanzinnige sprints door de Mojave, volgt de afdaling van een nieuwe moeder in wat wedergeboorte of psychose is. Uw kilometerstand zal variëren.

Danzy Senna, Je bent vrij
Een groot deel van het ambivalente ouderdiscours heeft de neiging zich te concentreren rond blanke cis-het-moeders uit een bepaald milieu. Ik heb zo mijn vermoedens waarom dit zo zou moeten zijn, maar laten we omwille van de lijst beginnen met een contrapunt.
Senna, wiens lichte satirische inslag ons het geweldige van 2024 bracht Gekleurde televisieis slim in de raadsels die uniek zijn voor gekleurde ouders die zich in voornamelijk witte ruimtes verplaatsen. Deze collectie gonst van multiraciale angst en onderzoekt de nuances van familievorming buiten de hegemonie.

Lydia Kiesling, De Gouden Staat
Ik inhaleerde deze roman uit 2019. Vooral omdat Kieslings stem verrukkelijk is, en deze kroniek van Daphne – een jonge intellectuele moeder die op de rand van een zenuwinzinking staat – openhartig en onverschrokken is over het werk dat nodig is om de kinderzorg te combineren met het dagelijkse werk.
Dit boek voelt nog steeds onthullend omdat het alle kleine vernederingen dramatiseert die het Amerikaanse moederschap moeilijker maken dan het zou moeten zijn. Bijvoorbeeld: Daphne’s man zit vast in het buitenland vanwege een visumprobleem. Haar banksaldo is in beweging, omdat haar universitaire baan onzeker is. Maar ondanks alles houdt ze van Honey, het kleine zwarte gat in het middelpunt van deze puinhoop.
(Om Matty Healy uit The 1975 na te praten: “Het gaat toch om geld, baby’s, nietwaar?”)

Mira Jacob, Goed gesprek
Deze grafische memoires zijn niet zozeer ambivalent over ouderschap als wel opwindend openhartig over een taak die daarvoor nodig is: het uitleggen van een amorele wereld aan een kind. Dit prachtige boek, ingelijst als een reeks gesprekken tussen Jacob en haar toen zesjarige zoon, reconstrueert harde gesprekken over racisme en systemisch onrecht. Hoe leer je je baby dat de wereld oneerlijk is?
Ik zou deze in de handen gooien van alle millennials die zich zorgen maken over de nationale erfenis van de volgende generatie.

Valeria Luiselli, Archief verloren kinderen
Dit ambitieuze folio van een roman neemt de volgende generatie ook serieus, vanuit verschillende invalshoeken. Luiselli’s meesterwerk is tegelijk een roadtrip, een intieme kijk op een samengesteld gezin en een werk van gepassioneerde maatschappijkritiek.
Het is moeilijk om deze te verbinden met een plotbeschrijving, maar hier is een voorproefje: twee ouders maken een documentaire over kindermigranten aan de grens tussen de VS en Mexico, terwijl hun eigen vroegrijpe nakomelingen zich op de achterbank verwaarloosd voelen. Deze was vooral vooruitziend op de release in 2019. Maar Luiselli’s weergave van ouders die bijziend of onzorgvuldig zijn geworden in het licht van de polycrisis, resoneert uiteraard nog steeds.

Nicholson Bakker, Kamertemperatuur
Misschien heb je gehoord dat moderne verlichting een thuisblijfvaderprobleem heeft. De terechte klacht van Eric Magnuson De Atlantische Oceaan vorige week wees mij op deze hypnotiserende novelle van een van onze beste koortsdromers.
Bakers verhaal draait om de innerlijke monoloog van een vader terwijl hij zijn ‘zes maanden oude Bug haar late middagflesje geeft’. Het dagelijkse werk van het in leven houden van een klein mens wordt hier afwisselend als alledaags en heilig weergegeven. Blijf voor de oogverblindende beschrijvingen. En natuurlijk de erkenning van gelijke kansen.
Headerafbeelding: Pablo Picasso’s ‘Moeder en kind op een bankje’